Over Ido Weijers

cropped-Ida-Akkerman-20120120-25-1.jpg

Ido Weijers was van 2004 tot 2011 als bijzonder hoogleraar Jeugdrechtspleging verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtwetenschappen van de Universiteit Utrecht (Oratie 2005). Van 2011 tot 2016 bekleedde hij de interdisciplinaire leerstoel Jeugdbescherming aan de Faculteit Sociale Wetenschappen (Pedagogiek) en de Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie (WPI). Hij hield op 20 januari 2012 zijn oratie (foto’s oratie) en op 1 juni 2016 zijn afscheidsrede (foto-impressie).

Na zijn studie Politieke en sociale wetenschappen aan de UvA (cum laude 1985) was hij korte tijd verbonden aan het SISWO en vervolgens als aio aan de EUR (dissertatie 1991) en als post doc achtereenvolgens aan de Radboud Universiteit en de Universiteit Maastricht. Van 1996 tot 2011 was hij als (hoofd)docent verbonden aan de opleiding Pedagogiek van de Universiteit Utrecht, waar hij tweemaal tot docent van het jaar werd gekozen. In 2004 startte hij de Minor Jeugd & Criminaliteit voor sociale wetenschappers en rechtenstudenten, die hij coördineerde tot 2016.

Hij was van 2004 tot 2009 lid van de Raad voor Strafrechttoepassing en Jeugd-bescherming (RSJ), sectie Jeugd. In die functie was hij betrokken bij diverse adviezen aan de minister van Justitie. Van 2004 tot 2011 was hij voorzitter van de Raad van Advies van Stichting Slachtoffer in Beeld. Daarnaast was hij voorzitter van diverse begeleidingscommissies voor het WODC en andere instellingen. Hij geeft regelmatig cursussen aan rechters, officieren en advocaten en trainingen ‘Communiceren met jeugdige verdachten (en hun ouders)’. Hij publiceerde behalve ruim 25 boeken en meer dan 200 wetenschappelijke artikelen en boekbijdragen (researchgate) ook vele tientallen krantenartikelen en talloze blogs op het raakvlak van pedagogiek en recht (zie ook https://blog.pedagogiek.nu).

Hij begeleidde de dissertaties van Peter Baggen (1998), Evelien Tonkens (1999), Ivo van Hilvoorde (2002), Gemma Blok (2004), Stephanie Rap (2013) en Diane van Drie (2017). Momenteel is hij als promotor betrokken bij de onderzoeksprojecten van Kristien Hepping en Joost Huijer. Op 20 december 2017 gaf hij zijn laatste hoorcollege aan de UU. Hij geeft regelmatig lezingen en gastcolleges.

Hij coördineerde van 2000 tot 2014 een internationaal vergelijkend onderzoek naar de jeugdstrafrechtprocedure in Europa (De jeugdstrafzitting: een pedagogisch perspectief, Rap & Weijers, 2011; The participation of juvenile defendants in the youth court, Rap, 2013; The effective youth court, Rap & Weijers, 2014). Hij was in 2002 gastonderzoeker aan de ANU en deed in Australië en Nieuw Zeeland onderzoek naar de praktijk van restorative justice. Hij coördineerde van 2006 tot 2016 een longitudinale studie naar de levensloop van  81 jonge veelplegers in de regio Utrecht (Stoppen of volharden, Weijers & Van Drie, 2014; Motivatie in de ontwikkeling van desistance, Van Drie, 2017; Veelplegers aanpakken, Weijers, 2019).

Momenteel richt hij zich vooral op dat laatste onderwerp – onderzoek naar het proces van stoppen met criminaliteit door jonge veelplegers en hun aanpak. Sinds 1 januari is hij als adviseur betrokken bij de 075-aanpak van de gemeente Zaanstad. Recent heeft hij een 5 stappen-aanpak ontwikkeld voor de aanpak van jonge veelplegers.

Jonge veelplegers: een 5 stappen-aanpak

Een kleine groep jonge criminelen pleegt voortdurend delicten. Er bestaan veel misverstanden over het verloop van de criminele routine en de geëigende aanpak van deze jongeren. Op grond van langdurig onderzoek van een grote groep jonge 
veelplegers en op basis van bestudering van de wetenschappelijke literatuur is een aanpak in 5 stappen ontwikkeld.

Eerste misverstand: ‘hard aanpakken’  (mariniers, overlevingstochten, Glen Mills …) 
Wordt al tientallen jaren beweerd en steeds opnieuw geprobeerd, maar is bewezenineffectief. Hiermee wordt voorbij gegaan aan de problematiek van de jongere – vaak laag IQ, gedragsproblemen, stoornissen, verslaving.
Stap 1: maatwerk, deskundige diagnostiek > persoonsgerichte aanpak

Tweede misverstand: ‘haal ze weg uit hun omgeving’
Wordt al twee eeuwen geprobeerd, maar is zinloos.
Meestal spelen er behalve bij de jongere ook problemen in zijn directe omgevingen daar moet hij nu eenmaal mee verder – gezin, school, vrienden, buurt.
Stap 2: lokale, integrale aanpak

Derde misverstand: ‘wij gaan ze redden’/ ‘wij hebben iets bedacht’
School, politie, reclassering, jeugdbescherming, gezinscoach, therapeut, GGD moeten actief worden betrokken, maar ze kunnen het niet alleen.
Alle inspanningen moeten worden afgestemd en aangestuurd vanuit 1 instantie.
Stap 3: regie bij gemeente (of OM) gecoördineerd in Veiligheidshuis

Vierde misverstand: ‘ze gaan eindeloos door’
Jonge veelplegers zijn (vrijwel) allemaal voor hun 30e gestopt. Maar stoppen iseen worsteling. De jongere moet breken met zijn oude vrienden, zoeken naar
school, werk, nieuw perspectief. In die worsteling zijn drie fasen te
onderscheiden – volharden, erkennen, voorbereiden.
Stap 4: analyseer in welke fase de jongere zich bevindt 
(Vragenlijst Veelplegers verkrijgbaar bij auteur)

Vijfde misverstand: ‘ze denken niet aan stoppen’
Klopt voor de volharder; die denkt pas aan stoppen als hij de criminele routine zat is.
Maar: de erkenner twijfelt, wikt en weegt, ziet nog niet hoe te stoppen.
De voorbereider ging weer in de fout, maar is serieus bezig met positieve draai.
Stap 5: stem aanpak af op de fase waarin de jongere zich bevindt

INDICATIE SANCTIES:
Fase 1. Volharder: perspectief op hulp bieden, maar: hulp afhankelijk van inslaan andere weg.
Fase 2. Erkenner: motiveren voor behandeling (FFT, Schematherapie); perspectief bieden.
Fase 3. Voorbereider: therapie; hulp bij vinden school, werk, woonruimte, uitkering, schulden.

INDICATIE ZORG:
Fase 1. Volharder: perspectief op hulp bieden, maar: hulp afhankelijk van inslaan andere weg.
Fase 2. Erkenner: motiveren voor behandeling (FFT, Schematherapie); perspectief bieden.
Fase 3. Voorbereider: therapie; hulp bij vinden school, werk, woonruimte, uitkering, schulden.