Category Archives: Uncategorized

Talloze kinderen van gedupeerden Toeslagenaffaire uit huis geplaatst 

20 oktober 2021

In het jeugdbeschermingsrecht behoort een uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) uit 2006 inmiddels tot de klassiekers. Dat betreft de zaak Wallova & Walla versus Tsjechië. Het echtpaar Walla had vijf kinderen, maar ze hadden geen werk en geen huis. Een Tsjechische rechtbank gaf opdracht de kinderen weg te halen bij de ouders en in een jeugdrichting te plaatsen. Het Europees Hof stelde vast dat de Tsjechische rechtbank had erkend dat het fundamentele probleem voor de ouders was dat ze geen huis konden vinden dat geschikt was voor zo’n groot gezin. Er was echter geen twijfel aan hun vermogen om de kinderen op te voeden en daarom oordeelde het Hof dat de Tsjechische autoriteiten het onderliggende probleem hadden ontkend. Ze hadden met andere maatregelen moeten reageren dan de totale scheiding van het gezin, wat alleen mag worden toegepast in geval van een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van het kind. Het Hof constateerde bovendien dat de Tsjechische kinderbescherming de ouders niet had geholpen om hun kinderen zo snel mogelijk terug te krijgen. Het Hof concludeerde dat er sprake was van schending van artikel 8 EVRM, dat respect voor het privé-, gezins- en familieleven garandeert.

Wallova &Walla vs. Tsjechië is zowel een goed voorbeeld van de negatieve verplichting om niet in het gezinsleven in te grijpen tenzij…, als een goed voorbeeld van de positieve verplichtingen die ontstaan na ingrijpen in het gezin. De Kinderbescherming had de kinderen volgens het Europees Hof namelijk zo spoedig mogelijk moeten terugbrengen bij de ouders en moeten zoeken naar mogelijkheden om de ouders en kinderen te ondersteunen bij hun maatschappelijke problemen.

Het heeft er alle schijn van dat de Nederlandse jeugdbescherming niet op de hoogte of onvoldoende doordrongen is van de betekenis van dit klassieke voorbeeld, zowel van de négatieve verplichting om niet in het gezinsleven in te grijpen op basis van gebrek aan inkomen en huisvesting, als de pósitieve verplichtingen na ingrijpen in het gezin. Op 8 september schreef Volkskrant-columniste Harriët Duurvoort dat mogelijk honderden kinderen van ‘toeslagenouders’ uit huis waren geplaatst. Zij had de moeder van een meisje gesproken dat op dit moment in een isoleercel zit bij Jeugdzorginstelling Pluryn. Deze moeder van vier kinderen en student rechten bleek in 2006 plotseling door de Belastingdienst op een fraudelijst te zijn gezet. Ze zou 56 duizend euro terug moeten betalen. Door het hardvochtige inningsbeleid van de Belastingdienst (met vorderingen van 990 euro per maand) raakte ze haar huis kwijt. In die situatie beviel ze van een vijfde kind, dat na tien dagen door Jeugdzorg bij haar werd weggehaald. In de weken erna gebeurde dat ook met haar andere kinderen.

Naar aanleiding van deze column werden er Kamervragen gesteld over de aantallen uithuisgeplaatste kinderen. Om die vragen te kunnen beantwoorden verzocht het demissionaire kabinet het CBS onderzoek te doen. Op 19 oktober zijn de eerste berichten hierover in de media verschenen, overigens niet nadat het kabinet de Kamer daarover had geinformeerd, maar doordat iemand deze gegevens bij toeval ontdekte op de site van het CBS. De afgelopen vijf jaar blijken tenminste 1.115 kinderen uit gezinnen die zijn getroffen door de kinderopvangtoeslagenaffaire uit huis geplaatst. Zij mochten vaak jarenlang niet bij hun ouders wonen. Op grond van dit CBS-onderzoek kan uiteraard geen causaal verband tussen uithuisplaatsing en toeslagenaffaire worden aangetoond, maar aangezien zeer waarschijnlijk is dat de werkelijke cijfers nog aanmerkelijk hoger liggen, wordt de kans alleen maar groter dat er in veel gevallen wel degelijk een sterk verband tussen beide affaires bestaat.  Zo is er nog helemaal niet naar de jaren voor 2015 is gekeken. Daarbij komt dat het ook mogelijk is, zoals Tweede Kamerlid Peter Kwint (SP) signaleerde, dat ouders onder druk (‘drang’) hebben ingestemd met uithuisplaatsing waardoor de rechter er niet aan te pas is gekomen en de gegevens moeilijk zijn op te sporen.

Saatssecretaris Blokhuis van Volksgezondheid zegt nu dat het van groot belang is dat gezinnen die te maken hebben (gehad) met een uithuisplaatsing weten waar zij terechtkunnen met vragen en dat zij adequaat worden geholpen. Volgens hem zou de gemeente daarvoor de eerste ingang zijn en zou het ook aan de gemeenten zijn om nu te beoordelen of herstel van de gezinssituatie mogelijk is. Dat lijkt niet alleen een misvatting, omdat de gemeente daar niet over beslist, maar de rechter, op advies van de Raad voor de Kinderbescherming. De minister stuurt de ouders daarmee ook met een kluitje in het riet. Het is zaak dat het demissionaire kabinet hier direct de verantwoordelijkheid voor op zich neemt en de ouders niet afscheept met verwijzing naar de gemeente.

 

 

Onmacht … en onjuiste beslissingen

Onderzoek moord 14-jarig meisje eind 2020

19 oktober 2021

Op 28 december 2020 vond in Amsterdam Oost een dramatisch incident plaats. Op die dag werd de 14-jarige Famke K. door haar vader doodgeschoten in diens woning, waarna hij zichzelf om het leven bracht. In opdracht van burgemeester Halsema en wethouder Kukenheim analyseerde Corinne Dettmeijer, voormalig kinderrechter en Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld, de 19 maanden hulpverlening en de rechtsgang die aan deze tragedie vooraf gingen. In haar rapport, dat half oktober verscheen, concludeert zij dat de hulpverleners elk afzonderlijk deze fatale afloop niet hadden kunnen voorkomen, maar dat de jeugdhulpverlening als geheel op meerdere fronten ernstig tekort is geschoten bij het beschermen van de 14-jarige – instellingen hadden niet genoeg expertise in huis, hadden onvoldoende vertrouwen in elkaar, misten gevoel van urgentie en traden niet doortastend op: “Negentien maanden betrokkenheid van jeugdprofessionals terwijl de situatie van de jeugdige alleen maar achteruit ging op alle leefgebieden. En dat terwijl in feite een jaar eerder de zorgen reeds een spoed OTS en een uithuisplaatsing zouden hebben gerechtvaardigd.” Continue reading

Toeristen en straatdealers

28 september 2021

Als er één stad in de wereld is waar het toerisme het sociale leven van de inwoners volledig in de verdrukking heeft gebracht is het wel Venetië. De stad met zijn fragiele, eeuwenoude palazzi kan niet zonder het toerisme, maar de dagelijkse zwerm bezoekers wordt door de meeste bewoners ook als een plaag ervaren. Het aantal inwoners neemt jaarlijks af, jonge generaties zien geen toekomst in de oude stad, huizen zijn onbetaalbaar omdat de eigenaren met het oog op de inkomsten prioriteit geven aan airbnb-verhuur. Vanwege de Corona-maatregelen bleef de dagelijkse tsunami aan toeristen, voornamelijk dagjesmensen, ineens achterwege en behoorde de stad weer even aan de bewoners. Maar deze zomer is de stroom alweer op gang gekomen en zijn zelfs de eerste, reusachtige cruiseschepen met hun wanverhouding tot de historische omgeving als gigantische witte drijvende flatgebouwen ondanks toezeggingen van het bestuur weer dwars door de kwetsbare Italiaanse stad gevaren. Continue reading

Toekomstscenario jeugdbescherming moet van tafel

16 september 2021

Men hoefde geen helderziende te zijn om te voorzien dat de overhaast doorgezette decentralisatie van de jeugdzorg in 2015 in meerdere opzichten slecht zou uitpakken. In elk geval werd al snel duidelijk dat de ingrijpende bezuinigingen waarmee de overheveling van bevoegdheden naar de gemeenten gepaard ging, op volledige onderschatting van de kosten en gevolgen van deze ingreep berustten en dat de afwezigheid van centrale regie voor de bescherming van kinderen en de begeleiding van gezinnen desastreus uitpakte.  Na vele acties, brandbrieven, kritische evaluaties en rapporten zagen de VNG en de ministeries van VWS en Justitie & Veiligheid zich genoodzaakt om in elk geval op het gebied van de jeugdbescherming met voorstellen tot bijsturing te komen. Die voorstellen werden op 30 maart jl gepresenteerd onder de titel Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming.  Continue reading

Jongeren en schulden (2)

12 september 2021

Mijn blog van 6 september eindigde met de opmerking dat het voor de professionals die jongeren proberen te helpen met hun financiële problemen, van groot belang is om zo spoedig mogelijk een eerste concreet succesje te bereiken. Gegeven de ambivalentie waarmee jongeren meestal omgaan met dergelijke hulp kan dit de jongere tenminste het gevoel geven dat de hulp echt ergens toe leidt. Maar hier stuiten de hulpverleners al meteen op een eerste horde: voordat zo’n eerste succesje kan worden geboekt, moet er eerst een serie stappen worden gezet waar de jongeren doorgaans helemaal wars van zijn. Continue reading

Jongeren en schulden

6 september 2021

Nederland staat (opnieuw) op de eerste plaats wat betreft welzijn en welbevinden van de jeugd. En ons land behoort tot de rijkste landen ter wereld.  Toch zegt volgens een recente studie een op de drie Nederlandse achttienjarigen en ouder niet of nauwelijks rond te kunnen komen.  Voor degenen die verstandig met geld kunnen omgaan vormt een krappe beurs op zich een betrekkelijk probleem, vooral als ze goed zijn opgeleid of een goede opleiding volgen. Maar als jongeren moeite hebben met de luxe die sommige leeftijdgenoten zich lijken te kunnen permitteren en als ze hun financiële krapte als tekort in hun voorstelling van zelfstandigheid ervaren, dan kan dit tot uiteenlopende vormen van onverstandig en problematisch gedrag leiden. Dit geldt zeker niet alleen voor degenen met weinig schoolsucces, maar de problemen manifesteren zich daar wel het duidelijkst. Uit ouder onderzoek weten we dat jongeren naarmate ze ouder worden, vaker geld tekort komen. Zo’n 40% van de mbo’ers van 18 jaar en ouder heeft een schuld en een op de vier heeft betalingsachterstanden. En als ze op zichzelf gaan wonen neemt de schuldensituatie toe. Dat betreft zowel schulden bij een bank, een zorgverzekering en mobiele providers als schulden bij vrienden en familie. Continue reading

Jongeren en messen 3

19 augustus 2021

In een interview in de NRC doet de nieuwe hoofdcommissaris van Rotterdam, Fred Westerbeke, een aantal behartenswaardige uitspraken. Westerbeke werkte tot april vorig jaar als hoofdofficier van justitie bij het Landelijk Parket en hij kreeg landelijke bekendheid als leider van het internationale onderzoek naar het neerhalen van vlucht MH17 boven Oekraïne. Hij begon bijna veertig jaar geleden als politieman en nu hij terug is bij de politie ziet hij zich daar geconfronteerd met chronisch personeelstekort. Op 2.300 voltijds medewerkers heeft Rotterdam op dit moment 300 vacatures. Net als in het onderwijs en in de zorg gaat het hier niet om een natuurfenomeen dat ons zomaar overvalt, maar om de gevolgen van beleid dat de afgelopen jaren ondanks uitdrukkelijke waarschuwingen is ingezet. Westerbeke wijst erop dat dit personeelstekort is ontstaan, doordat het kabinet jaren geleden heeft besloten om te bezuinigen en geen mensen meer naar de politieopleiding te sturen: “Het aantal opleidingsplaatsen voor nieuwe agenten is drastisch ingekrompen. Meerdere korpsen kampen met een personeelstekort dat is versterkt door cao-afspraken over vroegpensioen voor oudere werknemers die daardoor eerder kunnen stoppen met werken.” Er worden ruim 600 nieuwe agenten voor het Rotterdamse korps opgeleid maar die kunnen voorlopig nog niet aan de slag. “We komen mensen tekort binnen de basisteams. Dat zijn de collega’s die zichtbaar surveilleren op straat, het gesprek aan moeten gaan met de burger en moeten ingrijpen waar dat nodig is. Als iemand het noodnummer 112 belt, worden zij erop afgestuurd. Om de roosters voor deze basisdienstverlening goed in te kunnen vullen, moeten wijkagenten regelmatig bijspringen terwijl dat niet de bedoeling is. Ook moeten we een beroep doen op collega’s in administratieve en bestuurlijke functies.” Continue reading

Voor welk probleem biedt het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming een oplossing?

4 april 2021

Er zijn veel inhoudelijke bezwaren naar voren gebracht tegen overhaaste invoering van decentralisatie van de jeugdzorg. Ook werd onder meer met verwijzing naar de ervaringen in Denemarken gewaarschuwd dat zo’n ingrijpende omslag extra geld vereist in plaats van zware bezuinigingen. Desondanks werd de zorg voor de jeugd in 2015 rücksichtslos overgeheveld naar de gemeenten.[1] Het rijk verdeelde het geld, de gemeenten werden verantwoordelijk voor de uitvoering. Gevolg was een nog grotere achteruitgang van de jeugdzorg dan de critici hadden gevreesd, zoals sindsdien bleek uit talloze acties, brandbrieven, kritische evaluaties en vernietigende rapporten van lokale Rekenkamers en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Al snel werd duidelijk dat de ingrijpende bezuinigingen waarmee alle overheveling van bevoegdheden gepaard ging berustten op volledige onderschatting van de kosten en gevolgen van deze ingreep. Continue reading

Jeugd-ggz: hoe ernstiger de problematiek, hoe langer adequate hulp uitblijft 

24 maart 2021

Marktwerking en decentralisering van de geestelijke gezondheidszorg voor de jeugd naar de gemeenten: een aardige combinatie waar wellicht door slimme jongens wel wat te verdienen valt … Voeg daarbij dat de (grote) gemeenten sterk hechten aan autonomie op het terrein van de jeugdzorg, maar dat de financiële ruimte voor de gemeenten vanuit Den Haag wordt bepaald en dat de gemeenten zelfs al voor de invoering van de decentralisatie in 2015 klaagden over te krappe budgetten en dus behoefte hadden en steeds meer hebben aan ‘goedkope’ voorzieningen’. En dat op deze ‘markt’ bovendien een gemiddelde behandelprijs wordt gehanteerd. Zie daar de vier belangrijkste redenen dat deze ‘markt’ al gauw als interessant werd ontdekt door financiële cowboys. De fijne neus van financieel adviseurs en durfinvesteerders voor kansen in nieuwe markten leidde hen pijlsnel richting de jeugd-ggz. Continue reading

Hoe ‘jong versus oud’ ineens populair wordt

9 maart 2021

We zagen het al gebeuren bij de discussie over de toegang tot de IC in Coronatijd. Ten onrechte bleven sommige zelfverklaarde Corona-kenners hameren op het leeftijdscriterium in het geval er nog maar een enkel bed op de IC beschikbaar zou zijn. Zo wees ik er in mijn blog van 18 januari op dat voormalig ‘Denker des Vaderlands’ Marli Huijer zonder aarzeling stelde dat jongeren bij schaarste van IC bedden zouden moeten voorgaan op ouderen. De praktijk had intussen al lang laten zien dat zeer jonge noch zeer oude patiënten worden opgenomen op de IC. Uiteraard wordt bij schaarste eerst geselecteerd op medische overwegingen: wie heeft de meeste kans de IC te overleven en snel te herstellen? In de regel krijgen jonge mensen dus op medische gronden voorrang. Dit uitgangspunt staat helemaal niet ter discussie. Degenen die maar bleven herhalen dat de ethisch cruciale kwestie zou zijn dat we zouden moeten kiezen voor iemand van 20 in plaats van voor iemand van 80 vertroebelden de zaak, omdat die keuze op medische gronden feitelijk en terecht allang wordt gemaakt Continue reading