Hoezo lastenverlichting? Moeten we niet eerst zorgen voor kinderen in nood?

31 juli 2015

Het AD en NRC-Handelsblad meldden respectievelijk op 27 en 29 juli dat de crisisopvang voor kinderen in acute nood op veel plekken in het land overvol zit. De belangrijkste oorzaak lijkt de overhaaste overheveling van de jeugdzorg naar de gemeenten per 1 januari van dit jaar. U herinnert zich ongetwijfeld dat die haast werd gemaakt vanwege de gelijktijdig ingeboekte omvangrijke bezuinigingen, die het kabinet ook in deze sector coûte que coûte wilde realiseren.

Deze haast heeft er allereerst toe geleid dat de wijkteams die sinds 1 januari kinderen moeten doorverwijzen, op dit moment in veel gevallen nog verre van optimaal functioneren en vaak onvoldoende professionaliteit en specialistische kennis, inzicht en ervaring in huis hebben. Dat kan soms leiden tot te lang doormodderen met te lichte hulp. Als er dan geen houden meer aan is, rest er weinig anders dan een plek voor het kind zoeken bij crisisopvang. Bovendien hebben middelgrote en kleinere gemeenten vanwege de bezuinigingen waarmee de overheveling gepaard ging en moeite met inschatten van de behoefte aan jeugdhulp, soms te zuinig plekken voor specialistische zorg ingekocht en ontstaan daardoor wachtlijsten. Kinderen met ernstige problematiek – psychoses, suïcidaal gedrag, ernstige gedragsstoornissen die hen onhoudbaar maken in hun omgeving – kunnen dan op een gegeven moment nergens anders terecht dan op de crisisopvang. Tenslotte is de afgelopen jaren het aantal bedden in de jeugd-ggz afgebouwd, variërend van een derde tot de helft van het aantal plekken. Daar is (nog) lang niet altijd voldoende ambulante zorg voor in de plaats gekomen.

Crisisopvang is net als iedere vorm van residentiële opvang relatief duur. Hoe kleiner het gemeentelijk budget hoe eerder crisisopvang de financieen van de gemeente onder druk zet. Zo vrezen 17 samenwerkende gemeenten in de regio Zuid-Holland-Zuid een tekort van ruim 6,5 miljoen voor de jeugdhulp. Daarom willen ze de contracten met de instellingen bijstellen, extra kortingen toepassen en een ‘opnamestop’ vanaf oktober instellen …

Tegen deze achtergrond is het onaanvaardbaar dat het kabinet werkt aan plannen voor belastingverlaging. Bernard van Praag heeft er recent in NRC Handelsblad op gewezen dat plannen voor belastingverlaging puur electoraal gemotiveerd en economisch onverantwoord zijn gezien de uitgaven die ons de komende jaren te wachten staan. Hij stelt vast dat de huidige meevallers zijn gebaseerd op de lage rente, de lage energieprijzen, de verlaging van de pensioenpremies voor ambtenaren en ‘het over de schutting gooien van de zorgplicht naar gemeentes met de fantasierijke gedachte dat voor veertig procent minder de gemeentes hetzelfde zorgniveau kunnen bieden.’

Maar behalve economisch onverantwoord is het ook onfatsoenlijk. Het getuigt van een verkeerde mentaliteit dat het kabinet electorale sier wil maken met de miljoenen die bij de gemeentes zijn weggehaald, terwijl een aantal van deze gemeentes met grote tekorten te kampen heeft en kinderen in nood en hun ouders in de steek gelaten worden.