Kinderbescherming bij jeugd met overgewicht? 19 april 2016

We hebben een historisch kantelmoment bereikt. Een recente studie in The Lancet laat zien dat het aantal mensen met obesitas of ziekelijk overgewicht (BMI > 30) voor het eerst in de geschiedenis groter is dan het aantal ondervoede mensen. Alles wijst erop dat deze ontwikkeling razendsnel doorzet. Sommigen spreken van een obesitaspandemie of globesity. Was 40 jaar geleden het aantal ondervoede mensen nog meer dan tweemaal zo groot als het aantal te zware mensen, bij de huidige trend zal die verhouding binnen 10 jaar precies omgekeerd zijn: dan is een vijfde van de wereldbevolking obees, bijna twee keer het aantal dat dan naar verwachting lijdt aan ondervoeding.

De Verenigde Staten zijn al jaren koploper op dit gebied. Daar lijdt een op de drie mensen aan obesitas en is één op de vier mannen en één op de vijf vrouwen zelfs ernstig obees. Spectaculair is de ‘inhaalslag’ van China op dit terrein. Kwam obesitas in dit land 40 jaar geleden nog amper voor, op dit moment zijn er in China meer te zware mensen dan in de VS. Ook in Europa is zwaarlijvigheid de afgelopen decennia toegenomen. In sommige landen heeft 70% van de bevolking overgewicht.

Verhoudingsgewijs doet Nederland het redelijk, maar inmiddels is ongeveer de helft van de Nederlanders te zwaar en lijdt 1 op de 7 a 8 aan obesitas. Volgens de Landelijke Groeistudie (TNO, 2010) is 1 op de 7 kinderen te zwaar en lijdt 2% aan obesitas. Het percentage kinderen met overgewicht blijft echter stijgen, van 6% in 1980 naar 14% 30 jaar later. Met name kinderen van Turkse en Marokkaanse afkomst kunnen last hebben van (ernstig) overgewicht, zelfs al op zeer jonge leeftijd (De Hoog et al., 2011).

Tegen deze achtergrond is bestrijding van overgewicht de laatste tien jaar tot speerpunt in het preventiebeleid van de overheid verklaard, met als doelstelling een daling van het percentage te zware kinderen. Er is een speciaal programma ontwikkeld voor jongeren met overgewicht – JOGG. Daarbij wordt het accent gelegd op bewegen en gezond eten. Volgens sommigen doet de overheid echter veel te weinig. Zo zou om te beginnen naar Engels voorbeeld de accijns op frisdrank sterk omhoog moeten. Natuur en milieu verlangt een minister voor Voedsel. Anderen spreken daarentegen van een hetze tegen overgewicht en obesitas. Zij vinden dat het om vooroordelen gaat – ‘fat fobia’ – waarmee zo snel mogelijk zou moeten worden gestopt, omdat dikke mensen daar onder te lijden hebben. Bestuurskundige Paul Frissen meent dat de overheid hier sowieso geen taak heeft. De door hem bepleitte ‘fatale staat’ bemoeit zich niet met de leefstijl van mensen.

De kinderbescherming begint uiteraard weinig met een dergelijke nachtwakerstaat- opvatting. Maar als een kind duidelijk te zwaar wordt – met alle fysiek en sociaal ongemak dat dit voor het kind met zich meebrengt en alle medische klachten die daar vrijwel onvermijdelijk op volgen – als het niet lukt om dit kind te laten afvallen, als ouders niet in staat blijken of zich onvoldoende inspannen om het overgewicht van hun kind aan te pakken, kan dit dan reden zijn voor een kinderbeschermingsmaatregel? Ik denk dat het antwoord hierop vooralsnog ontkennend moet zijn.

Het spreekt voor zich en onderzoek bevestigt, dat kinderen hun gewicht niet onder controle kunnen krijgen zonder stevige begeleiding van hun ouders (Van der Kruk et al., 2013). Maar ondersteuning van de ouders daarbij dient altijd in vrijwilligheid plaats te vinden. Ten eerste is niet in elk geval de begeleiding van de ouders doorslaggevend. Maar zelfs als dat wel het geval lijkt, past prudentie. Er bestaan namelijk nog helemaal geen valide interventies gericht op ouders met kinderen met overgewicht. We weten dus eenvoudigweg (nog) niet hoe ouders op gefundeerde wijze succesvol te begeleiden bij dit probleem. Bovendien zijn we ervan overtuigd dat de oplossing ligt in veel bewegen en gezond eten, maar vooralsnog laten interventies die hierop zijn gericht geen effect op het gewicht zien (Showell et al., 2013). We zijn dus ook (nog) helemaal niet in staat om op overtuigende wijze alternatieve aanpakken voor kinderen met overgewicht aan te dragen. Gezien deze verlegenheidssituatie zijn kinderbeschermings-maatregelen ongepast. Vooralsnog kan slechts worden getracht ouders op vrijwillige basis bij te staan om hun kind naar vermogen gezond te verzorgen en op te voeden, waarbij mag worden gehoopt dat dit tot verbetering leidt.