Zorgen om de zorg en de kunst van het wegwuiven

20 mei 2015

Zoals diverse commentatoren inmiddels hebben opgemerkt, lijkt dit kabinet weinig bekommernis te hebben om de uitvoering van haar plannen. Cruciale besluiten worden extreem laat genomen, tijdsbestekken ter voorbereiding worden veel te krap gemaakt, waarschuwingen vanuit het veld worden genegeerd. Rustig uitrekenen, pilots doen en die zorgvuldig en onafhankelijk laten evalueren, het lijkt allemaal niet zo nodig, ook of juist niet bij mega-operaties. Zo wijst vandaag de Algemene Rekenkamer bij de presentatie van haar jaarlijks rapport op forse uitvoeringsproblemen bij onder meer Defensie en de Belastingdienst en bij de invoering van het nieuwe systeem rond het persoonsgebonden budget. Scheidend voorzitter Stuiveling signaleert een veelheid aan signalen dat er ‘over een breed front sprake is van fricties tussen politieke ambities aan de ene kant en beschikbare tijd, mensen en middelen aan de andere kant.’ Zij concludeert dat de invoering van het nieuwe systeem voor de pgb’s niet zorgvuldig is verlopen en slecht voorbereid. Daardoor is het nieuwe systeem ‘in plaats van een oplossing voor de fraudeproblemen met pgb’s, zelf een nieuw probleem geworden.’

Ik ben blij dat de Rekenkamer de vinger op de zere plek legt. Daarmee wordt hopelijk bijvoorbeeld zwarte pieten met de schuldvraag richting gemeenten, zoals door sommigen beoogd, voorkomen – zie mijn blog van 10 december vorig jaar. En daarmee wordt het eeuwige wegwuiven van alle zorgen door Van Rijn en het inhuren van professionele wegwuivers als Han Noten, voorzitter van de Transitiecommissie Sociaal Domein, krachtig tegenspel geboden. (Overigens blijken er nog steeds bewindslieden bereid en in staat om nog ongeneerder weg te wuiven. Zo betoogt minister Schippers van Volksgezondheid sans gene dat de kwalificatie ‘onzorgvuldig’ van de Rekenkamer geen recht doet aan de inspanningen om de risico’s in beeld te brengen en te beheersen.)

Ik heb al twee jaar voor de invoering van de transities gewaarschuwd voor de risico’s en die zijn in mijn ogen nog steeds veel diverser dan nu met de pgb-uitbetalingsellende boven water komt. Zo staan ons bijvoorbeeld nog enorme problemen te wachten op het gebied van de privacy. Maar ik beleef er geen enkel plezier aan dat Van Rijn steeds verder wegzakt in het drijfzand van de nieuwe pgb-regeling. En waar ik me echt aan erger dat is de hypocrisie bij onze volksvertegenwoordiging. Want ik zie nog steeds die brave Eerste Kamer voor me, waar tijdens een hoorzitting diverse vertegenwoordigers vanuit het veld in allerlei toonaard beleefd maar dringend vroegen om uitstel om alle ingrijpende veranderingen fatsoenlijk te kunnen voorbereiden en het hoge niveau van jeugdzorg in ons land te kunnen handhaven. Net als de Tweede Kamer ging men echter in overgrote meerderheid akkoord met de race tegen de klok die de interim managers op de betreffende ministeries zich ten doel hadden gesteld.

Wegwuiven is kennelijk geen specialisme van bewindspersonen. Daar doet ons parlement als dat zo uitkomt graag aan mee. Wegsturen is daarentegen een privilege van de Tweede Kamer. Dat kan een zekere voldoening geven, maar ik zie vooralsnog niet welk uitzicht op verbetering dat biedt.