‘Eigen Kracht’ past toontje lager

19 september 2018

Een moeder zoekt hulp. Zij kampt met burn-out klachten en haar dochtertje vertoont gedragsproblemen. Moeder. De gemeente stelt een ‘meedenk- bijeenkomst’ voor waar familie en kennissen van moeder oplossingen kunnen aandragen of hulp kunnen aanbieden. Op de bijeenkomst hoort moeder haar zwagers zeggen dat ze wel ‘wat chaotisch’ is, ‘misschien soms betere keuzes moet maken’ en of het handig is dat ze een nieuwe kat heeft genomen? Aan het einde van de bijeenkomst staat de moeder straks van spanning en heeft niemand hulp aangeboden.

Dit verhaal is ontleend aan een recent artikel in de NRC. Daarin werd Evelien Tonkens geïnterviewd naar aanleiding van het net verschenen onderzoeksrapport van de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit voor Humanistiek over de gevolgen van de decentralisatie van de zorg sinds 2015. Kort samengevat komen de conclusies van dit rapport op het volgende neer: het aansporen van hulpbehoevenden om een beroep te doen op hun eigen netwerk heeft nauwelijks effect; het ontbreekt kwetsbare burgers vaak aan een hulpvaardig netwerk; de nadruk op zelfredzaamheid vergroot de ongelijkheid tussen arm en rijk: welgestelden kunnen zelf hun hulp regelen en betalen, armeren worden geacht een beroep te doen op hun omgeving. Evelien Tonkens concludeert dat ten onrechte een publiek debat uitblijft over de schade die de nadruk op zelfredzaamheid aanricht: ‘Dat we als land de solidariteit met kwetsbare mensen proberen op te rekken. Want het zelfredzaamheidsverhaal is een beleidsverhaal dat niet strookt met de werkelijkheid.’

Al eerder is vastgesteld dat het aantal mantelzorgers, met ongeveer 1 op de 3 Nederlanders, niet alleen al jaren (en ver voor de decentralisatie) erg hoog is, maar dat de rek er echt wel uit is. Volgens het SCP en het Planbureau voor de Leefomgeving zit de mantelzorg inmiddels op het maximum. Zij verwachten dat het aantal mantelzorgers in de toekomst zal dalen, omdat het aantal 50-74-jarigen – de groep die nu veel van dergelijke zorg verleent – de komende jaren zal afnemen. De kritische kanttekeningen en bevindingen van de onderzoekers van UvA en UvH (en impliciet de eerdere vaststelling dat er geen rek meer zit in de mantelzorg) zijn meteen na het NRC-interview met stelligheid en zonder enige reserve tegengesproken door het gezicht van de ‘Doe een beroep op het eigen netwerk’-beweging, Hedda van Lieshout, bestuurder van de Eigen Kracht Centrale te Zwolle. Er zijn heus wel genoeg netwerken van buren, vrienden en familie, beweert Van Lieshout, als de mensen die hulp nodig hebben maar op de juiste wijze worden aangesproken. Zij meent dat die mensen de verkeerde vraag krijgen voorgelegd, namelijk wie een deel van de zorg op zich zou kunnen nemen. Dat vindt zij niet slim. Je moet aan die mensen vragen wie er met ze kan ‘meedenken’.

Dat is toch wonderlijk. Het netwerkberaad is immers gericht op alternatieve hulp, volgens de ideologie van de ‘Doe een beroep op het eigen netwerk’-beweging – zo min mogelijk professionele bemoeienis, zoveel mogelijk hulp uit ‘eigen kring’. Ik krijg wekelijks een onafgebroken stroom berichten van Van Lieshout om te laten zien ‘hoeveel kracht er is in onze samenleving.’ Maar nu begrijp ik dat het alleen maar gaat om ‘meedenken’, niet om helpen. De vraag is natuurlijk of de mensen die hulp nodig hebben hier ook mee geholpen zijn.

Op dit cruciale punt blijkt het echter nogal tegen te vallen. Voor de (vrijwillige) jeugdhulp en de jeugdbescherming is het effect van deze aanpak inmiddels onderzocht. Sinds 2015 moet de jeugdhulpaanbieder of de gecertificeerde instelling ouders allereerst de gelegenheid bieden om, binnen een redelijke termijn, een familiegroepsplan op te stellen om problemen in het gezin aan te pakken. Een recent WODC-onderzoek, uitgevoerd door de afdeling Forensische Orthopedagogiek van de UvA, leidde tot de conclusie dat een familienetwerkbijeenkomst, zoals Eigen Kracht er inmiddels vele duizenden heeft georganiseerd, geen meerwaarde heeft. Zo’n beraad leidt noch tot betere bescherming van onder toezicht gestelde kinderen noch tot minder inzet van professionele zorg dan de reguliere jeugdbescherming. Een recent gepubliceerde internationale meta-studie komt tot vergelijkbare conclusies. De WODC-studie stelt vast dat het netwerkplan in de meeste gevallen na drie maanden niet meer wordt gehanteerd en dat de beoogde regieverschuiving nauwelijks lijkt gerealiseerd. Opvallend is ook dat het ‘meedenken’ in gezinnen met een niet-westerse etnische achtergrond vaker leidt tot verlenging van de OTS dan de reguliere werkwijze. Tot slot blijkt deze aanpak tot hogere kosten voor gezondheidszorg te leiden . Er lijkt kortom alle reden voor Eigen Kracht om een toontje lager te zingen.

Terug naar het verhaal waar dit blog mee begon. Mij bekruipt ogenblikkelijk een gevoel van gêne. Is er uberhaupt wel goed over de situatie nagedacht? Vereist zo’n precaire situatie niet allereerst kennis van zaken? Pedagogen zullen er graag eerst achter willen komen wat precies de problemen met het gedrag van het kind zijn. Psychologen en artsen zullen de vraag opwerpen of een kringgesprek met een moeder met burn-out klachten  wel verantwoord is. Ook goede bedoelingen kunnen veel schade aanrichten als ze niet gepaard gaan met kennis.

Nieuw inzicht in relatie criminaliteit terrorisme

26 augustus 2018 

Van iets jatten bij AH naar vechten voor IS. Dat is zeer kort samengevat de boodschap van een net gepubliceerd onderzoek naar mogelijke verbanden tussen terrorisme en criminaliteit. Deze studie van het NSCR in opdracht van Politie en Wetenschap laat zien dat de delicten waarvan de onderzochte Nederlandse jihadisten werden verdacht vooral bestonden uit bedreiging, misdrijven tegen de openbare orde, mishandeling en winkeldiefstal. Dat betekent een belangrijke relativering van de inmiddels populaire gedachte dat degenen die worden gerecruteerd voor de jihad vooral nietsontziende gangsters zijn. Continue reading

Laat onze zorgenkinderen niet buiten de boot vallen

23 augustus 2018

Dat het er sinds de transitie slecht voor staat met de jeugdzorg is inmiddels genoegzaam bekend en ook dat dat in Den Haag vooralsnog slechts heeft geleid tot een waslijst aan goede intenties. Ondanks talloze alarmerende berichten en oproepen vanuit de GGZ, de advocatuur, noodkreten van radeloze ouders en signalen vanuit bezorgde instellingen, behandelaars, rechters en zelfs politiecommissarissen ontbreekt het in de politiek aan een besef van urgentie en blijven krachtige impulsen uit om deze negatieve maatschappelijke ontwikkeling effectief te keren. Intussen dreigen de problemen de komende jaren alleen maar te verergeren.

Bij ongewijzigd beleid zullen er over enkele jaren meer dan 100.000 medewerkers in de zorg te weinig zijn. Het UWV meldde deze week dat er nu al nauwelijks mensen te vinden zijn voor meer dan de helft van de vacatures in zorg en welzijn. Hoogleraar arbeid en organisatie in de zorg, Ronald Batenburg, zegt daarover in de NRC van 22 augustus dat de bezuinigingen in de zorg schadelijk waren voor het imago: ‘De zorg stond al bekend als zwaar werk waar je slecht voor betaald krijgt. Als er dan ook nog bezuinigd word, verlies je al snel het vertrouwen.’ Een pijnlijk detail: staatssecretaris Van Rijn, verantwoordelijk voor de bezuinigingen in de afgelopen jaren, was bij uitstek op de hoogte van dit risico voor de sector. Hij was immers voorzitter van de ambtelijke commissie die in 2001 schreef dat de wervingskracht van de publieke beroepen verbeterd diende te worden om grote toekomstige personeelstekorten te voorkomen…

Het staat buiten kijf dat de transitie en de bezuinigingen overhaast en onvoldoende doordacht zijn doorgevoerd. Batenburg wijst in dit verband op de noodzaak om bij ingrijpende bezuinigingsplannen vooraf een arbeidsmarkteffectrapportage te laten maken, waarin de gevolgen voor de werkgelegenheid worden onderzocht. Nog beter is een structurele aanpak, naar het voorbeeld de artsenopleiding, waarbij de behoefte aan toekomstige artsen nauwkeurig wordt voorspeld en bij dreigend personeelstekort tijdig actiever wordt geworven.

Het is langzamerhand algemeen bekend dat er de komende jaren eveneens gigantische tekorten in het onderwijs ontstaan. Sterker nog, die zijn inmiddels al over de hele linie voelbaar. En die tekorten pakken met name dramatisch uit als het om de zwaarste categorie gaat, het speciaal onderwijs. Daar komen die twee negatieve spiralen samen – de tekorten in de zorg, waardoor de leerlingen moeilijker, minder stabiel de school binnenkomen, en het lerarentekort in het onderwijs. Bij de kinderen die intramuraal worden opgevangen merkt de school dat de situatie minder stabiel is, doordat de groepsbegeleiding vaak bestaat uit heel jonge meiden met weinig ervaring en doordat het personeel voortdurend wisselt is het ook heel moeilijk om goede afspraken te maken. Bij de talloze kinderen die ten gevolge van de bezuinigingen ambulant worden begeleid merkt de school meer heftige gedragsproblematiek, wat de onderwijstaak er nog zwaarder op maakt.

De NRC geeft een korte reportage van het werk op zo’n school, waar 500 leerlingen met ernstige gedrags- en psychiatrische problemen zitten, van hechtingsproblemen tot autisme en agressiestoornissen. En passant wijst het verslag op een structurele weeffout in de financiering van dit onderwijs: het voortgezet speciaal onderwijs valt onder de cao voor het basisonderwijs. Daardoor krijgen docenten hier per maand in plaats van meer juist een paar honderd euro minder dan collega’s in het gewone voortgezet onderwijs, ondanks het feit dat ook zij tweedegraads zijn. Bovendien moeten ze ook nog eens meer lesgeven, namelijk 1000 in plaats van 750 uur. Als het kabinet ook maar een beetje inzicht wil tonen in het maatschappelijk belang van het werk dat op dit gebied wordt verricht, dan zorgt het voor een flinke financiële opwaardering van dit beroep, ondersteund door een campagne die uitdrukkelijk wijst op het belang om onze zorgenkinderen zo goed mogelijk richting volwassenheid te begeleiden.

Minderjarige verdachte van flutdelict zet je niet in een cel

19 juli 2018 

‘Speciale cel nodig voor kinderen’ kopte de NRC van 18 juli. Volgens de krant eisten de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA), de Vereniging van Nederlandse Jeugdrechtadvocaten, de Kinderombudsman en Defence for Children dat er ‘kindvriendelijke’ politiecellen komen voor kinderen ‘die na hun arrestatie moeten worden opgesloten’. Deze gezamenlijke actie is een gevolg van de column van Toine Heijmans in de Volkskrant van 26 juni, waarin hij verslag deed van het feit dat zijn 13-jarige zoon 7,5 uur lang in een politiecel was vastgehouden vanwege het stelen van een pak koekjes. Dat stuk bracht een pittige discussie over deze politiepraktijk op gang. Jaren geleden wees Jolande uit Beijerse al op misstanden rond het vasthouden van minderjarige verdachten in het tijdschrift Proces (2005) en ook Defence for Children pleit al sinds jaar en dag voor aanpassing van dergelijke onacceptabele situaties. Het is zonder meer verheugend dat er nu naar aanleiding van de column van Heijmans op dit punt een bredere beweging op gang lijkt te komen. Continue reading

Zwerfjongeren

14 juni 2018

Onlangs deed een groep vooraanstaande Democraten in de VS, onder aanvoering van Bernie Sanders en Elizabeth Warren een dringende oproep aan Trump om een plan te maken om ernstige armoede in de VS aan te pakken en met name de desastreuze gevolgen die dit heeft voor de jeugd. Ze noemen het beschamend dat meer dan 13 miljoen kinderen in de VS in armoede leven en dat onder de ruim een half miljoen daklozen die de nacht in de open lucht moeten doorbrengen minstens een op de vijf een kind is. Dit naar aanleiding van een alarmerend rapport van de Verenigde Naties over de armoede in Amerika. In zijn tweets gaat Trump er prat op dat hij “the best economy & jobs EVER”  heeft gecreëerd, maar Sanders c.s. wijzen erop dat de lastenverlichting die de regering heeft doorgevoerd de kloof tussen rijk en arm alleen maar heeft vergroot. Ze roepen de regering Trump ook op om nu eindelijk, als laatste land in de wereld, het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind te ratificeren. Dit hangt samen met hun kritiek op de smalle opvatting van mensenrechten in de VS, die verhindert dat Amerikanen bescherming kunnen inroepen tegen omkomen van de honger en sterven door gebrek aan betaalbare gezondheidszorg of als gevolg van een totaal gebrek aan voorzieningen. Continue reading

De rol van de school bij het vermijden van criminaliteit

11 juni 2018

Sinds jaar en dag is de rol van de school bij het ontstaan en versterken van probleemgedrag een bekend onderwerp in de criminologie. Alleen al gelet op de hoeveelheid tijd die kinderen op school doorbrengen is het logisch dat criminologen van oudsher veel aandacht hadden voor de school. Zo heet een bekende criminologische studie uit 1979 Fifteen thousand hours vanwege het aantal uren dat de onderzochte jongeren in totaal gemiddeld op school zaten. In Nederland is de laatste jaren met name door Frank Weerman en collega’s veel onderzoek op dit terrein gedaan.

In ons onderzoek naar jonge veelplegers komt de rol van de school prominent naar voren. De meeste veelplegers hebben een laag IQ en dat betekent dat de school voor hen zelden een plezierige ervaring is, in die zin dat ze er geen succes aan kunnen ontlenen, hoewel dat natuurlijk zeer sterk afhankelijk is van het schoolklimaat en het type school dat deze leerlingen bezoeken. Continue reading

Transitie laat kwetsbare kinderen tussen wal en schip belanden

20 april 2018

Misschien is er de afgelopen jaren toch iets te snel en teveel tegelijkertijd aan veranderingen op het gebied van de zorg in gang gezet? Behalve de overgang van de gehele jeugdzorg naar de gemeenten op 1 januari 2015 werden de gemeenten op dezelfde datum immers ook verantwoordelijk voor de voorzieningen op het terrein van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, de voorzieningen op het gebied van de Wet maatschappelijke ondersteuning, waarmee de gemeenten moeten bevorderen dat mensen zolang mogelijk thuis kunnen blijven wonen, en voor de uitvoering van de Participatiewet, die ervoor moet zorgen dat zoveel mogelijk mensen met of zonder arbeidsbeperking werk vinden. Wat de zorg voor de jeugd betreft waren de gemeenten tegelijkertijd ook net verantwoordelijk gemaakt voor de uitvoering van de Wet Passend Onderwijs die een betere samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs beoogt en voor de uitvoering van de herziene Kinderbeschermingsmaatregelen. Continue reading

Gaat het Actieprogramma de zorgelijke situatie in de jeugdzorg verbeteren?

18 april 2018

Deze week verscheen het Actieprogramma Zorg voor de Jeugd van de ministeries van VWS en J&V. Aanleiding daarvoor was de Evaluatie van de Jeugdwet en het commentaar vanuit verschillende groepen betrokken professionals, ouders en kinderen. Wat zonder meer de prijzen valt aan dit programma is de nuchtere weergave van de tekortkomingen van de jeugdzorg sinds de inwerkingtreding van de Jeugdwet. Het wordt nergens zo genoemd maar dit document illustreert in feite net als de Evaluatie Jeugdwet de overhaaste invoering van de transitie. Waar goed voorbereide en wetenschappelijk begeleide pilots aan deze enorme verandering vooraf hadden moeten gaan, worden die nu met dit programma in gang gezet. Waar een goed algemeen geldend administratief en financieel kader voorafgaand aan deze enorme overheveling ontwikkeld had moeten worden, worden nu stappen in die richting gezet. Waar de professionals die de lokale teams moeten bemensen uiteraard voorafgaand aan de transitie hadden moeten worden opgeleid en bijgeschoold worden nu initiatieven in die inrichting genomen. Waar het juridisch kader van tevoren duidelijk had moeten zijn, worden nu stappen gezet om dat kader alsnog te verhelderen. Prima: beter laat dan nooit. Continue reading

Meer oog voor goede opvang asielzoekerskind

16 april 2018

Een kleine anderhalf jaar geleden vroeg orthopedagoog en jurist Carla van Os in de vijfde Mulock Houwer-lezing aandacht voor de schadelijke effecten van de wijze waarop kinderen in de Nederlandse asielzoekerscentra worden opgevangen. Ze wees met name op twee zeer negatieve aspecten: het regime in de grootschalige, meestal geïsoleerd gelegen centra, waar een fundamenteel gebrek aan privacy heerst en elementaire mogelijkheden voor eigen regie van het gezin ontbreken, van zelf koken tot bedtijden; en het veelvuldig, soms maandelijks verhuizen, terwijl het hier in veel gevallen gaat om volwassenen en kinderen die kampen met trauma’s, angst en depressie, waarbij rust en stabiliteit voor hen allereerste vereisten zijn om de eigen veerkracht van het gezin en herstel van een enigszins normale opvoeding een kans te bieden. Continue reading

Ongefundeerde verklaringen, ongepaste generalisaties

15 april 2018

Het is weinig verbazingwekkend dat het steeds verder escalerend geweld binnen de Amsterdamse drugsmaffia en de kennelijke hoofdrol van Marokkaanse criminelen daarbij aanleiding geeft tot wilde bespiegelingen. De Kamer debatteerde er vorige week over en in de media worden allerlei theorieen opgeworpen en ‘deskundigen’ aan het woord gelaten. Meestal zijn de kwaliteitskranten terughoudend met snelle duiding, maar een enkele keer doen ook zij een ondoordachte duit in het zakje. Zo had Folkert Jensma, oud hoofdredacteur van de NRC die tegenwoordig een juridische column voor deze krant verzorgt met vaak behartenswaardige bijdragen over ontwikkelingen op strafrechtelijk gebied, een recent boek van Hans Werdmölder ontdekt. Diens inzichten leken hem uiterst relevant om licht te werpen op de ‘mocro-maffia’. Werdmölder volgde ruim dertig jaar geleden veertig jongens, deels met Marokkaanse, deels met autochtoon Nederlandse achtergrond, die veel op straat hingen en af en toe een delict pleegden. Enkele jaren geleden achtte hij de tijd rijp om zijn ideeen nog eens in een nieuw jasje te steken. Jensma blijkt zo onder bekoring geraakt van Werdmölders inzichten dat hij zich laat verleiden tot een serie bedenkelijke uitspraken. Continue reading