Niet jong versus oud bij toegang laatste IC-bed (2)

17 januari 2021

In een uitgebreid interview vertelt voormalig ‘Denker des Vaderlands’ Marli Huijer dat zij zich al sinds maart bezighoudt met de discussie over de aanpak van de corona-pandemie. Voor haar bestaat er daarbij geen spoor van twijfel over het principe dat jongeren bij schaarste van IC bedden zouden moeten voorgaan op ouderen: ‘Ik vind het inderdaad lastig om te doen alsof iemand van 75 evenveel recht heeft op een IC plek als iemand van 20. (…) Een jongere die dood gaat omdat er geen plek is op de IC gaat vroegtijdig dood. Iemand van 80 niet.’ Maar daar gaat de discussie over de toegang tot het laatste IC-bed helemaal niet over. Kennelijk heeft zij in het afgelopen half jaar niet de moeite genomen om het draaiboek dat daarvoor door de artsenorganisaties sinds juni is neergelegd goed te bestuderen en de discussie die daarover onder medici en ethici is gevoerd scherp te volgen.

Uiteraard wordt bij schaarste eerst geselecteerd op medische overwegingen: wie heeft de meeste kans de IC te overleven en snel te herstellen? Men hoeft geen arts te zijn om te begrijpen dat jongeren dus in de regel op medische gronden voorrang krijgen. Dit uitgangspunt staat niet ter discussie. En degenen die maar blijven herhalen dat de ethisch cruciale kwestie zou zijn dat we moeten kiezen voor iemand van 20 in plaats van voor iemand van 80 vertroebelen de zaak, omdat die keuze op medische gronden feitelijk en terecht allang is gemaakt.

De discussie gaat over iets anders, namelijk de vraag hoe te handelen als de medische criteria niet meer voldoen. Dat wil zeggen als we met kandidaten voor het laatste IC-bed te maken hebben, waartussen geen of nauwelijks verschil in gezondheid en overlevingskansen lijkt te bestaan en tussen wie het verschil in leeftijd slechts gering is. Het draaiboek schrijft voor dat dan op niet-medische grond zou moeten worden gekozen voor de jongste van deze twee personen, zeg voor de 65-jarige ten koste van de 68-jarige. Onder die condities is duidelijk dat er bij toepassing van het leeftijdscriterium sprake is van willekeur. Dan is loten rechtvaardiger, althans een beter te accepteren willekeurigheid dan de willekeurigheid van het kiezen op grond van leeftijd, zoals Fleur Jongepier betoogt.

Het is jammer dat het kabinet zich onder druk heeft laten zetten en heeft afgezien van een verbod op selectie op leeftijd voor de IC. Jongepier maakt duidelijk dat de discussie hierover desalniettemin zeker niet voorbij is. Het is in zekere zin begrijpelijk dat de voorstanders van het leeftijdscriterium bij schaarse IC-bedden blijven hameren op de valse tegenstelling tussen jong en oud, terwijl de praktijk al lang laat zien dat zeer jonge noch zeer oude patiënten worden opgenomen op de IC. Als ze deze voorstelling van zaken loslaten, vervalt immers de hele op het eerste oog aansprekende argumentatie voor het leeftijdscriterium. Toch is te hopen dat het voortgaand debat hierover op een eerlijker manier wordt gevoerd en niet blijvend wordt vertroebeld door ‘20 tegenover 80’.

 

Niet  jong versus oud bij toegang laatste IC-bed

10 januari 2021

Ineens is er in alle Covid-duisternis een lichtpuntje. Ik doel nu niet op de beschikbaarheid van vaccins, maar op de aankondiging van het kabinet om artsen te verbieden om jongeren op niet-medische gronden voorrang te geven op ouderen bij de toegang tot het laatste beschikbare bed op de intensive care. Eerlijk is eerlijk, dit kwam niet echt als een verassing, want het kabinet had al eerder bezwaar gemaakt tegen selectie op leeftijd en een meerderheid in de Tweede Kamer had dit ondersteund. Degenen die nu stellen dat het kabinet hen hiermee heeft verrast en verbaasd spelen dan ook ‘de vermoorde onschuld’, om een in dit verband pijnlijke metafoor te gebruiken. Immers, in juni schreef interim minister van Medische Zorg Martin van Rijn al dat de regering selectie op leeftijd verwierp. Continue reading

Kwelkwartetten

27 november 2020

Af en toe stuiten we in de kinderbescherming op radicalisering – van kinderbeschermers. Zo wordt soms verkondigd dat niet het kind centraal moet staan in de kinderbescherming maar de ouders en dat we er van uit moeten gaan dat alle ouders het beste met hun kind voor hebben. Maar de kans is groot dat we eerder worden geconfronteerd met een radicaliseringstrend in omgekeerde richting, waarbij ouders verantwoordelijk worden gehouden voor alle mogelijke beperkingen en verdriet in het leven van hun kind. Een dergelijke trend wil nog wel eens de kop opsteken als weer nieuwe initiatieven worden bedacht om kindermishandeling en verwaarlozing ‘voor te zijn’. Dat gaat onder de noemer ‘vroegsignalering’. Continue reading

Rechterlijke zorgen om de jeugdzorg

28 september 2020

Een van de gebieden waarop de crisis in de jeugdzorg sinds de decentralisatie in 2015 zichtbaar wordt, betreft beslissingen van de rechtbank. Uit een selectie van recente uitspraken op het gebied van het jeugdrecht komt naar voren dat rechters zich op meerdere punten ernstige zorgen maken. Allereerst het probleem met de tarieven. Nog voor de invoering van de decentralisatie waarschuwde de Transitiecommissie dat er instellingen zouden omvallen. Begin 2016 was al duidelijk dat de gemeenten aanbieders van jeugdzorg met allemaal verschillende regelingen en vaak te lage tarieven confronteerden waardoor vele in de gevarenzone terecht waren gekomen. Een jaar geleden bleek dat de financiële situatie van de overgebleven jeugdzorgaanbieders nog steeds bij vier op de tien ‘hoog risicovol’ was, als gevolg van te lage bekostiging door de gemeenten en van de enorm toegenomen administratieve lasten voor de instellingen vanwege facturatieperikelen en verantwoording naar vaak tientallen en soms meer dan 100 gemeentelijke contractpartners met verschillende eisen. Ten gevolge van deze problemen zag De Hoenderloo Groep zich dit jaar gedwongen haar deuren te sluiten. Continue reading

Justitie kan nog wel wat pedagogiek gebruiken (3) 

Het Britse Youth Justice system als voorbeeld?

7 september 2020

Eerder schreef ik twee blogs naar aanleiding van de recente aankondiging van minister Dekker om ouders ‘meer dwingend te betrekken bij het voorkomen van crimineel gedrag van hun kind’. Minister Dekker reageerde daarmee zowel op verontrustende steekincidenten onder jongeren alsook op de zorgen in bredere zin van de burgemeesters van 15 steden betreffende de toekomst van de jeugd in hun ‘kwetsbare buurten’. Dekker meent dat ouders, als hun kinderen risicovol gedrag vertonen, ‘zo nodig met drang of dwang ondersteuning (moeten) krijgen.’ De minister suggereert dat zijn voorstel zou steunen op de uitkomsten van een omvangrijke metastudie van Machteld Hoeve en een vijftal andere pedagogen. Maar zijn stelling dat deze ouders met drang of dwang ondersteuning zouden moeten krijgen volgt helemaal niet uit hun onderzoek. Continue reading

Justitie kan nog wel wat pedagogiek gebruiken (2)

Is minister Dekker doof voor alle kritiek op het gebruik van drang?

15 augustus 2020

Vorige maand schreef ik een blog naar aanleiding van de recente aankondiging van minister Dekker om ‘ouders meer dwingend te betrekken bij het voorkomen van crimineel gedrag van hun kind’. Die aankondiging was bedoeld als antwoord op zorgen van de burgemeesters van 15 steden betreffende de toekomst van de jeugd in hun ‘kwetsbare buurten’. Dekker meent dat ouders in deze kwetsbare gebieden ‘zo nodig met drang of dwang ondersteuning (moeten) krijgen en actief (moeten) meewerken om afglijden van hun kind te voorkomen.’ In dit blog ga ik nader in op de bezwaren rond het gebruik van de notie ‘drang’. In een derde blog zal ik nader ingaan op de gedachte van de minister dat we bij de zorgen om de toekomst van de jeugd in onze kwetsbare buurten inspiratie zouden kunnen ontlenen aan het Britse jeugdstrafrechtsysteem. Continue reading

Slechte ouders

6 augustus 2020

Slechte ouders, bestaan die? Sommige radicale pedagogen menen van niet. Zij gaan ervan uit dat elke ouder het beste voor heeft met zijn kind. Dat is een goed uitgangspunt in doorsneesituaties, waarin men werkt met een ouder die zit met vragen over zijn kind of het gevoel heeft op een bepaald punt vast te lopen of niet tot bijsturen in staat te zijn, terwijl dat wel nodig lijkt of wordt verlangd. Het geloof dat de ouder het beste voor heeft met zijn kind kan helpen om een positieve hulpverleningsrelatie of ‘werkalliantie’ op te bouwen, doordat de ouder vertrouwen en een gevoel van gelijkwaardigheid wordt gegeven. Sommige pedagogen gaan zelfs zover dat ze vinden dat ze in het contact met ouders ervoor moeten kiezen om niet het kind maar de ouder centraal te stellen. In werkelijkheid lijkt het verstandig om het werken vanuit zo’n keuzepositie te vermijden en zeker niet onvoorwaardelijk voor een van beide invalshoeken te kiezen, maar steeds de balans tussen helder perspectief op het kind en werkbaar perspectief op de ouder te zoeken. Pedagogen dienen zich in elk geval steeds te realiseren dat blind vertrouwen in de ouders in sommige situaties zonder meer naïef is en schadelijk kan uitpakken voor het kind. Want helaas, slechte ouders bestaan. Continue reading

Financieel toezicht voor jonge veelplegers

Jonge veelplegers worden wel aangeduid als ‘blingbling’-veelplegers. Dit ter onderscheiding van de traditionele, veelal verslaafde en vaak dakloze oudere draaideur-crimineel die vooral steelt om in zijn verslavingsbehoefte te kunnen voorzien. Op grond van jarenlang onderzoek naar een grote groep jonge veelplegers heb ik zes jaar geleden voorgesteld te zoeken naar mogelijkheden om deze jongeren precies aan te pakken op dit typerende en voor hen meest gevoelige punt – hun blingbling.

Doel was daarmee de motivatie om te stoppen met crimineel gedrag bij deze jongeren te versterken door ze voortdurend verantwoording te laten afleggen over hun financiële situatie en bezittingen af te nemen waarvan zij de legale afkomst niet konden aantonen. Op verzoek van de Tweede Kamer vroeg de minister van Veiligheid & Justitie hierover advies bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). De RSJ concludeerde in 2015 dat dit voorstel waard was om nader te onderzoeken en op kleine schaal uit te proberen. Continue reading

Justitie kan nog wel wat pedagogiek gebruiken (1)

12 juli 2020

Op het hoogtepunt van de eerste Corona-golf kon je voor het eerst sinds lange tijd in alle rust door het oude centrum van Amsterdam lopen. Sinds jaar en dag staat dit gebied zeker in het weekend savonds en snachts in het teken van luidruchtige vrijgezellenpartys en andere stadstrips van vooral Engelse jongemannen. Bezorgt de overlast door deze jonge Britten de Engelse jeugd hier een slechte naam, een deel van onze Nederlandse jeugd zorgt momenteel voor een vergelijkbaar negatief beeld in het buitenland. Maar dan gaat het niet om jongemannen, maar om jongeren van 16, 17 en 18 jaar, vooral uit ‘t Gooi en Amsterdam. Sinds een paar jaar bestaat er zoiets als de ‘Gooische Route’: op je 16e met een groep vrienden naar Knokke, het jaar daarop naar het Portugese Albufeira en een jaar later naar Chersonissos in Griekenland. Continue reading

De zweetvoetenman

23 juni 2020

‘Zeldzaam als een veldleeuwerik is het kind dat nog leest.’ Zo begint een recente column van Tommy Wieringa. Hij vervolgt zijn lamentatie met een tweede vogelmetafoor: ‘Geen haan die ernaar kraait dat nergens in de 37 OESO-landen jongeren zo’n pesthekel aan lezen hebben als in Nederland.’

In 2018 stonden Nederlandse leerlingen op de 26e plaats op de OESO ranglijst. In drie jaar elf plaatsen gezakt en nu onder het gemiddelde van de 37 welvarende OESO-landen. Deze score is lager dan ooit sinds de eerste onderzoeken begin deze eeuw. Misschien lijkt die achteruitgang maar betrekkelijk, aangezien meer landen op het gebied van lezen een dergelijke ontwikkeling laten zien. Maar die neergang is in ons land verreweg het sterkst. Nederland behoort bovendien tot de zeven landen, waar sinds begin deze eeuw de schoolprestaties in alle vakken voortdurend een dalende trend vertonen. Daar komt nog bij dat de ongelijkheid in het Nederlandse onderwijssysteem juist op het gebied van het lezen toeneemt. De negatieve ontwikkeling is namelijk het sterkst bij de groep zwakste lezers. Continue reading